Beroemde stamkroegen Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     December 14, 2010    
7488   0   0   0   0   0

Wat is een stamkroeg? Laten we maar zeggen: een café waar je gedurende minstens een paar jaar met grote regelmaat komt en hartelijk wordt begroet. Dat kunnen er best een paar tegelijk zijn, overigens. Beroemde stamkroegen zijn cafés met veel vermaarde stamgasten.

Zoals Het Wapen van Embden op de Nieuwendijk bij de Gravenstraat. Keizer Karel V (overleden 1555) sliep er; maar in de 18de eeuw was het de verzamelplaats van de Amsterdamse bohème: ooit spraakmakende dichters en schilders en de satirische schrijver Jacob Campo Weyerman. In januari 1795 vergaderde hier het Comité Révolutionaire.
De Tachtigers rond De Nieuwe Gids (o.a. de schrijvers/dichters Willem Kloos, Lodewijk van Deyssel, schilder-fotograaf Willem Witsen, componist Alphons Diepenbrock, politicus Frank van der Goes) stonden bekend als de ‘biernomaden’: ze veranderden (sinds 1881) geregeld van stamkroeg als het bier daar nog beter leek. Tot hun favoriete lokalen behoorden Willemsen op de Heiligeweg, De Karseboom en Zur Bavaria in de Kalverstraat, Mast (sinds 1893 Mille Colonnes geheten) op het Rembrandtplein en Die Port van Cleve op de Nieuwezijds.
Bij Mille Colonnes trof men rond 1900 ook toneelschrijver Herman Heijermans, valbondsman Henri Polak en schilder Jan Sluijters; bij Zur Bavaria kwamen ook de componisten J.J. Viottta en Bernard Zweers, de voortvarende links-liberale wethouder Wim Treub en de hele Wagner-Vereenigng.

Politiek twisten
Het terras van D’Ysbreeker op de Weesperzijde was de plek waar (tot de breuk in 1909) de twisten binnen de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij worden uitgevochten tussen toekomstige communisten als David Wijnkoop en Jan Ceton en bezadigder lieden als journalist Piet Tak en de latere wethouder Floor Wibaut, die een paar huizen verderop woonde.
Vanaf de opening in 1940 trok café Eylders in de Lange Leidsedwarsstraat vele anti-fascistische artistiekelingen, onder wie Ed. Hoornik, Mies Bouhuys, Bert Voeten, Jan Elburg, Bertus Aafjes, maar kort na de oorlog ook de jonge econoom en journalist Joop den Uyl. Later kwamen hier ook ‘Vijftigers’ als Remco Campert, Bert Schierbeek en Simon Vinkenoog, naast W.F. Hermans en Gerard van het Reve. De grootste verbruiker (tot zijn dood is 1968) was de dichter Gerard den Brabander: op zaterdag kocht hij zijn eigen bundels bij De Slegte en verkocht die met grote winst in het café om een deel van zijn rekening te kunnen afbetalen.
Bij Reijnders, een paar huizen verderop, kwamen na repetities vaak Wim Sonneveld en Conny Stuart, naast Simon Vinkenoog, Ramses Shaffy en andere alternatieve jongeren rond 1960. In Scheltema op de Nieuwezijds verzamelden zich in de jaren zestig journalisten als Herman Hofland, Hans van Mierlo en Herman Hofhuizen en schrijver/columnist Jacques Gans. De Pels in de Huidenstraat trok een jongere journalistieke generatie als Jan Donkers, Henk Spaan, Theodor Holman, Martin Schouten en Matthijs van Nieuwkerk, naast schrijvers als Guus Luijters, Theun de Winter en Wanda Reisel en natuurlijk tekenaar Dirk Wiarda.
De redactie van Vrij Nederland (met Joop van Tijn, Rinus Ferdinandusse, Martin van Amerongen, Igor Cornelissen) trof men in die jaren zeventig en tachtig natuurlijk in De Engelbewaarder op de Kloveniersburgwal.
Cafés met echte stamtafels worden schaars, maar in De Zwart op het Spui (A.F.Th. van der Heijden, Allard Schröder, Hafid Bouazza) en bij Welling achter het Concertgebouw (Theo Loevendie, Eli Asser en alweer A.F.Th.) vind u ze nog steeds. Maar denk maar niet dat u zomaar kunt aanschuiven.

Tekst: Peter-Paul de Baar
November-December 2008

Powered by JReviews